Nieuws

11 juni 2020

Gerrit zorgt al jaren voor het groen in Deventer

Het Rijsterborgherpark, het Worpplantsoen of de Douwelerkolk: de parken in onze stad staan er altijd prachtig bij. Bomen en struiken netjes gesnoeid en pad aangeharkt. Het lijkt vanzelfsprekend, maar dat is het niet. Gerrit zorgt er samen met zijn collega’s van Het Groenbedrijf dagelijks voor dat Deventer er pico bello uitziet. ”Ik voel me trots als ik door de stad fiets.”

”Ik ben altijd al een buitenmens geweest”, vertelt Gerrit Rouw (64). Hij is een rot in het tuindersvak en houdt zich al zevenenveertig jaar bezig met het groen in onze stad. Gerrit kijkt graag naar De Grote Tuinverbouwing, ”Je weet wel, met Rob. Mooi om te zien hoe ze dat doen.” Het liefst had hij zelf ook nog een grote tuin. ”Maar mijn vrouw wilde graag iets kleiner wonen nu we wat ouder zijn.” Gelukkig kan hij als voorman bij Het Groenbedrijf dagelijks in de ‘tuinen’ van Deventer aan de slag.

KonnecteD

Het Groenbedrijf verzorgt al het openbaar groen in Deventer en haar omgeving. Van aanleg tot beheer van onder andere de parken, maar ook de sportvelden, straten, wegen en plein behoren tot het takenpakket van Het Groenbedrijf. Dat doen ze met vakmensen én mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt die onder andere via KonnecteD binnen komen.

Gerrit werkt via KonnecteD bij Het Groenbedrijf. ”Mocht er wat gebeuren dan weet ik dat ik ergens anders terecht kan. Bijvoorbeeld als ik straks wat slechter ter been ben. Het is prettig dat je weet dat er vervangend werk gezocht wordt als dat nodig is. Dat geeft zekerheid.”

Zomerklaar

Terwijl veel van ons thuis zitten i.v.m. corona, werken Gerrit en zijn collega’s hard door om onze stad klaar te maken voor de zomer. ”We hebben veel gepland. Nu zijn we druk aan het schoffelen en harken om het opgekomen onkruid weg te werken.”

Dat Gerrit geliefd is op zijn werk, merk je meteen. Collega’s die langs rijden stoppen voor een praatje of een grapje. ”Het is belangrijk dat je in een ploeg komt waar je wat van leert, net als ik destijds”, vertelt Gerrit. Als voorman legt hij het werk uit aan zijn ploeg. ”Daarbij is goed communiceren belangrijk. Dat je mensen op een aardige manier vertelt hoe ze iets nog beter kunnen doen in plaats van ze te vertellen dat ze het fout doen.”

Momenteel heeft Gerrit de wijken Borgele en Steenbrugge onder zijn hoede. ”Maar we wisselen regelmatig. Dat houdt het spannend. Als ik op een nieuwe plek kom, is het alsof mijn bloed weer gaat stromen.” Zo heeft hij ondertussen alle parken en straten in Deventer en omgeving wel zo’n beetje gezien. ”Ik heb een trots gevoel als ik door Deventer fiets. Al ben ik ook kritisch, dus soms denk ik: ‘Hier mag wel weer wat gebeuren.”’

Waardering

”Als je niet van de tuin houdt zal het je niet opvallen wat we doen”, weet Gerrit. ”Laatst waren we bij Steenbrugge struiken aan het snoeien toen een buurtbewoner vroeg: ”Of we die troep niet weg konden halen. Hij doelde op de struiken.” De man had last van het geluid van de hommels die op de struiken afkwamen. We hadden die struiken net een jaar geleden gepland.”

”Ach, dat soort opmerkingen krijgen we wel vaker. Er zijn ook veel mensen die klagen over de peren- en appelbomen. Ik stuur ze altijd door naar het gemeente meldpunt. Sommige mensen waarderen de natuur niet zo, maar gelukkig krijgen we ook heel veel positieve reacties, die doen me goed.”

Aan de hand van de meester

De dag dat hij begon met werken kan hij zich nog helder voor de geest halen. ”Ik was zeventien en net klaar met de landbouwschool. De meester ging mee en binnen tien minuten was het geregeld en kon ik aan het werk.”

”Ik zat met een aantal boertjes in het team. Die verdienden vroeger wat bij op die manier. Zij hebben me geleerd hoe je moet schoffelen en harken. Die hebben me gebracht waar ik nu ben. Vroeger was het nog veel meer buffelwerk. Toen waren er nog geen wagentjes en moesten we ver lopen om papier te prikken. Maar ach, dat was ook wel weer mooi”, lacht Gerrit.

Op de vraag wat hij het leukst vindt aan zijn werk antwoordt hij: ”Aanleggen is leuk, maar onkruid schoffelen ook. Eigenlijk vind ik alles leuk.” Dan is het weer tijd om verder te gaan. ”Lekker op de fiets! Iedere dag kom ik wat anders tegen, dat is het mooie van het vak.”